Algemene gedragsregels VVU

Sport is een belangrijk onderdeel binnen onze samenleving, maar helaas is er soms sprake van scheldpartijen, schreeuwende ouders of negatief gedrag van spelers en supporters.

VV Utrecht hecht veel waarde aan de naleving van algemene normen en waarden en staat voor sportiviteit en respect. Wij verwachten dat iedereen zich aan de onderstaande gedragsregels houdt. Spreek elkaar ook aan als iemand deze regels niet naleeft of meldt het bij de begeleiders of coaches.


Sporters

  1. Probeer te winnen met respect voor jezelf, je teamgenoten en je tegenstanders.
  2. Speel volgens de officiële spelregels.
  3. Vind eerlijk en prettig spelen belangrijk en presteer zo goed mogelijk.
  4. Aanvaard de beslissingen van de scheidsrechter op een sportieve manier.
  5. Beïnvloed de scheidsrechter niet door onbehoorlijke taal of agressieve gebaren en woorden.
  6. Laat je niet ontmoedigen door een nederlaag.
  7. Feliciteer de tegenstander met het behaalde succes als je zelf de verliezer bent.
  8. Onsportiviteit van de tegenstander is nooit een reden om zelf onsportief te zijn.
  9. Wijs je medespelers gerust op onsportief of onplezierig gedrag
  10. Heb de moed om je eigen fouten of tekortkomingen met anderen te bespreken, bijvoorbeeld met je coach/begeleider, teamgenoten of je ouders.
  11. Respecteer het werk van al die mensen die ervoor zorgen dat in je sport mogelijkheden bestaan te trainen en wedstrijden te spelen. Dit is namelijk niet zo vanzelfsprekend. 


Ouders en verzorgers

  1. Bedenk dat kinderen sporten voor hun plezier en niet voor het uwe.
  2. Moedig uw kind altijd aan om volgens de regels te spelen.
  3. Leer uw kind dat eerlijke pogingen net zo belangrijk zijn als winnen, zodat het resultaat van elke wedstrijd geaccepteerd wordt zonder onnodige teleurstelling.
  4. Verander een nederlaag in een overwinning door uw kind te helpen te werken aan een grotere vaardigheid en het worden van een goede sportman/-vrouw. Maak het kind nooit belachelijk en geef het geen uitbrander als het een fout heeft gemaakt of een wedstrijd heeft verloren.
  5. Bedenk dat kinderen het beste leren door na te doen. Applaudisseer voor goed spel van beide teams.
  6. Val een beslissing van een scheidsrechter of coach niet in het openbaar af en trek nooit hun integriteit in twijfel.
  7. Ondersteun alle pogingen om verbaal en fysiek misbruik tijdens sportactiviteiten door de jeugd te voorkomen.
  8. Erken de waarde en het belang van trainers/coaches en scheidsrechters. Deze vrijwilligers geven hun tijd en kennis om het sporten van uw kind mogelijk te maken. 

Trainers en coaches/begeleiders

  1. Wees redelijk in de eisen ten aanzien van de tijd, de energie en het enthousiasme van jeugdige spelers. Bedenk dat jongeren ook andere interesses hebben.
  2. Zorg ervoor dat je goed op de hoogte bent van de spelregels.
  3. Leer je spelers dat de spelregels afspraken zijn waaraan niemand zich mag onttrekken.
  4. Deel daar waar mogelijk is de kinderen in volgens leeftijd, vaardigheid en fysieke gesteldheid.
  5. Bedenk dat kinderen voor hun plezier spelen en iets willen leren. Winnen is slechts een onderdeel van het spel. Verliezen trouwens ook.
  6. Schreeuw niet en maak de kinderen nooit belachelijk als zij fouten maken of een wedstrijd verliezen.
  7. Aanvaard de beslissingen van de scheidsrechter en vermijd discussies tijdens de wedstrijd.
  8. Beïnvloed de scheidsrechter niet door onbehoorlijke taal of agressieve gebaren en woorden.
  9. Ontwikkel teamrespect voor de vaardigheid van de tegenstander en voor de beslissing van de scheidsrechter en voor de trainer van de tegenstander.
  10. Kinderen hebben een trainer, coach/begeleider nodig die zij respecteren.
  11. Wees gul met lof wanneer het verdiend is.
  12. Blijf op de hoogte van de beginselen van goede training en van groei en ontwikkeling van kinderen.


Scheidsrechters

  1. Zorg ervoor dat u goed op de hoogte bent van de spelregels van het niveau dat u fluit.
  2. Fluit vol overtuiging en durf consequent te fluiten.
  3. Wees beslist, objectief en beleefd bij het constateren van fouten.
  4. Zorg ervoor dat zowel in als buiten het speelveld uw gedrag sportief is.


Zijn er toch nog problemen, zit je ergens mee of ben je het ergens niet mee eens? Blijf er dan niet mee lopen, maar bespreek het met je trainer, coach/begeleider of iemand van de jeugdcommissie / TC. Dan kunnen wij daar vast iets aan doen.